donderdag 14 september 2006

Klapwieken maakt ze moe

Ze verliezen hun haar en hun veren. Klapwieken maakt ze moe. Ze zijn te veel met de wereld bezig geweest. Alles wat ze nu zingen, klinkt in alles een toontje lager. Hun dichters hebben hen in de steek gelaten.

Hun zang verwerd tot een verslavend, meeslepend, verslindend, een niet om aan te horen lamenteren.

Tot vertedering, tot liefkozen niet meer in staat. Zoals iedereen hebben ze daar,

hier en nu,

woorden voor nodig.

(zonder titel) [fragment]
uit: Verstekelingen : engelen, verstekelingen in het wit van het gedicht - Alain Delmotte
____