In zijn jeugd had C.S. geruime tijd naar een literaire stelling gezocht waardoor hij beroemd zou zijn geworden. Zo had hij erover gedacht om via een uiterst nauwkeurige terugkeer naar de teksten te bewijzen dat Proust geen jood was en evenmin homoseksueel. Een van zijn vrienden verzekerde hem dat er al over dat onderwerp was geschreven. Toen wilde hij van Céline een jood en een verzetsman maken, maar ook daarover was al geschreven werd hem verteld. Toen bedacht hij om nog steeds aan de hand van teksten te bewijzen dat Kafka in werkelijkheid een van de grondleggers van het nationaal-socialisme was en om vervolgens in een ander werk aan te tonen dat Joyce een vrouw was. De
Geheel andere perspectieven die een nieuw licht werpen op de geschiedenis van de Letteren dienden zich moeiteloos aan. Hij werkte geen enkel punt uit, maar hij was ervan overtuigd dat een paar maanden op het platteland zouden volstaan om twee of drie series geruchtmakende essays af te leveren.
uit:
G.S., gewoon een schrijver - Stefan Liberski

____