Maar deze man trok zich werkelijk niets aan van hoe de mensen over hem dachten en daarom had de conventie geen vat op hem. Hij was als een worstelaar wiens lichaam is ingevet, je kon geen greep op hem krijgen. De vrijheid die het hem gaf was een schandaal. Ik weet nog dat ik tegen hem zei: ‘Hoor eens, als iedereen deed wat u doet, werd de wereld onleefbaar.’
‘Wat een ontzettend domme opmerking. Niet iedereen wil doen wat ik doe. De grote massa is volmaakt tevreden met te doen wat normaal is.’
En één keer probeerde ik satirisch te zijn.
‘U gelooft kennelijk niet in de spreuk: Handel zodanig dat van elk van uw handelingen tot algemene regel verheven kan worden.’
‘Dat heb ik nog nooit gehoord, maar het is je reinste kul.’
‘Nou, het was wel Kant die het zei.’
‘Kan me niet schelen, het is je reinste kul.’
Bij zo’n man kun je ook niet verwachten dat een beroep op zijn geweten iets uithaalt. Je zou net zo goed om een spiegelbeeld kunnen vragen zonder spiegel.
uit: De sterren en meer - William Somerset Maugham
____