zondag 31 december 2006

Driedimensioneel dagboek

De controverse in Speers ontwerpen is die tussen de romanticus en de technicus. Net als de gebroeders Ruff in de Congreshal in Neurenberg gebruikte hij moderne ‘snelle’ technieken en materialen om die vervolgens te omhullen met een buitenkant die de traditie van het ‘langzame’ handwerk moest suggereren.
Uit Speers architectuurontwerpen blijkt een denken dat wel de technische verworvenheden van het heden accepteert maar weigert er iets anders mee te doen dan het verleden te kopiëren en te vergroten.
De tijd in fascistische bouwwerken is nooit die van de organisch gegroeide, uit het verleden voortkomende, maar de niet bestaande tijd van de utopie, een utopie die zijn fantasieloosheid uit door als twee druppels water op een ver verleden te lijken en zo nooit werkelijke tijd kan worden, maar slechts imponerende ruimte waarin voor de mens als individu geen plaats is.

De MERZ Bau van Kurt Schwitters onderscheidt zich in alle aspecten radicaal van de ontwerpen en gerealiseerde gebouwen van Speer. Speers werkwijze was gebaseerd op een toekomst waarin zijn bouwwerken ruïnes zouden zijn geworden, mooie ruïnes, men zou het een geperverteerde architectuur kunnen noemen, Schwitters opereerde vanuit het devies: ‘Alles was toch kapot, het ging erom uit de scherven iets nieuws op te bouwen.’ In Speers ontwerpen werd het actuele Duitse verleden met de frustratie van de nederlaag van 1918 geheel verdonkeremaand en vervangen door bordkartonnen beelden van het Romeinse keizerrijk, Schwitters hurkte tussen de scherven van zijn tijd en vond de collagemethode als de meest geschikte om een hedendaagse kathedraal te bouwen.
Schwitters imiteerde de natuur in haar werkwijze en zijn MERZ Bau, waarin geen onderscheid werd gemaakt tussen een tramkaartje en een Romeinse godheid, Hitler of de acteur Conrad Veidt, lijkt op de manier waarop zich in de natuur een koraal vormt. Ook komt de vergelijking met een slakkehuis op. Alles incorporerend in zijn bouwwerk bouwde hij een kathedraal waarin op het laatst nog maar plaats was voor één mens, de maker. Deze architectuur van de organische groei is in de officiële architectuur nauwelijks toegepast.
Schwitters verhouding tot de traditie was niet gebaseerd op imitatie maar op het werkelijke gebruik ervan, traditie werd op één lijn gesteld met wat zich in het heden aandiende. Waar Speer probeerde de alledaagse werkelijkheid uit te sluiten, probeerde Schwitters juist haar binnen te halen. Men kan hier van een inclusieve en een exclusieve bouwmethode spreken.
Het ging Schwitters niet om het resultaat, om in tijd gestolde ruimte, maar om een proces. Niet voor niets legde hij de nadruk op het onaffe karakter van zijn bouwwerk. Daarom kon hij ook een oppervlakte eenvoudig bedekken met iets anders, zoals men een nieuw behangetje over een oud heen plakt. De ruimte van zijn kathedraal was daardoor voortdurend in beweging, in de tijd.
Speers architectonische schaalmodellen vallen op door de minutieuze uitwerking tot in het kleinste detail. Hitler en hij hebben werkelijk rondgelopen door het Madurodam van hun dromen, dat er op foto’s beangstigend uitziet, niet het minst omdat er geen mens in te bekennen valt. Alles in deze modellen was van tevoren gepland. Ruimte voor het toeval was er niet in gelaten. Schwitters gebruikte het toeval als een creatieve medewerker. Zijn MERZ Bau is in hoge mate het resultaat van denken en handelen binnen menselijke maten, waarbij de materiaalkeuze de tijdelijkheid benadrukte en niet, zoals bij Speer, de tijd probeerde te manipuleren tot eeuwigheid.
Hitler probeerde met zijn bouwwerken een gedroomde autobiografie te realiseren, buiten de werkelijke tijd om. Schwitters schiep zijn autobiografie zonder zich om de toekomst te bekommeren, als een soort driedimensioneel dagboek.

De menselijke maat : over Albert Speer en Kurt Schwitters [fragment]
uit: Ontroeringen : essays - J. Bernlef
____