Goed, maar Orlando is dan ook het resultaat van een heel gerichte en overweldigende impuls geweest. Ik had behoefte aan vrolijkheid. Ik had behoefte aan fantasie. Ik had er behoefte aan (en dat was ingrijpend) de dingen een karikaturaal karakter te geven. En die stemming ben ik nog steeds niet kwijt. Ik wil volgens hetzelfde stramien een historische verhandeling schrijven over Newnham bij voorbeeld, of de vrouwenbeweging. Het stramien is een diepgeworteld deel van me zelf – zet me in elk geval in vuur en vlam, maakt dat ik niet meer te houden ben. Maar wordt het niet door het applaus gestimuleerd? Overdreven aangemoedigd? Volgens mij is het zo dat als het genie vrij baan wil krijgen je uit je talent niet alles moet proberen te halen wat erin zit: wat betekent dat je voor het een of voor het ander moet kiezen; als een bepaalde gave niet meer is dan een gave, laat hem dan ongebruikt; is het met een bepaalde gave menens ga er dan mee aan de slag; zo schept het één ruimte voor het ander.
Alles goed en wel, maar hoe zit het dan met The Moths? Dat moest een abstract, fysiek boek worden dat je met gesloten ogen zou moeten schrijven: een spelgedicht.
Woensdag 7 november 1928 [fragment]
