jachtgeworden dans der
jaren van mijn vingertoppen
zijn vervreemd en zo vertraagd
dat in de opstand van mijn
vuisten plots een streling
woont die het verlaten worden
mildert tot verlaten zijn.
Wordt strelen dan een ijdel woord
dat kil en hard als baardhaar is
en loop ik zwaar bewapend voort,
of rust ik in mijn handen uit
als een geliefde die goed weet:
mijn lichtste wapen is mijn huid?
De vergeethoek van de slaap, 3
____
