zondag 15 februari 2009

In dit gat van het getij

En, in deze vijver van herkenning, in dit
Gat van het getij, zoekt de dichter naar de
Oude ziekten der seizoenen, de eeuwigheden,
De minachting van minnaars, het kamerbreed
Behang van belachelijke lijven in omarming.
Zodoende, de doodstille ratel ondenkbaar
In de hand, vlucht hij naar zijn naargeestig
Grijs verleden, de bedorven troost van het
Voedzaam verdriet, het heilig heimwee
Het nachtelijke en nooitse niemandsland.

Tussen feestend volk, VIII [fragment]
uit: Tussen feestend volk : een gedicht - Nic van Bruggen

____