mannen boetseren
voor mijn jonge vriendinnen
niet van klei – van bot
en spier en haar
en hier en daar iets
meer speciaals. Ik zou
voor elk een eigen
reserveren een heel bizonder
juist in háár geïnteresseerde
een die het liefhebben
ver voor zijn vierde
heeft geleerd; al het andere
is te laat.
Want mijn vriendinnen
vooral die ene
gun ik een trouwe toegewijde
glanzend welriekende
aspirant vder (zo een
zoekt ze al zegt ze van niet
en dat ze nooit en dat
deze wereld enzovoort)
dat heb ik intussen
zo vaak al gehoord.
Slim zijn ze mijn lieve vriendinnen
ik prijs hun veeleisendheid
en alvast ook hun kinderen
op wie ze al dol zijn
nog vóór ze er vaders
voor kunnen vinden.
Kon ik maar
____
