De Frans-Duitse verhoudingen zijn het belangrijkste vraagstuk geweest in de Europese politiek sinds de schepping van het Duitse keizerrijk in 1871, die een einde maakte aan meer dan twee eeuwen Franse hegemonie. De Franse buitenlandse politiek is na 1870 altijd beheerst geweest door dit vraagstuk. In dit opzicht was 1945 geen cesuur. Hoewel de Duitse nederlaag totaal was, bleven de Franse zorgen bestaan. Wel veranderde de context door de opkomst van de nieuwe supermachten en de verzwakking van Europa. Hierdoor ontstonden nieuwe realiteiten die Frankrijk wel moest aanvaarden, zoals de noodzaak van een Duitse herbewapening. De Europese politiek leverde de nieuwe instrumenten die nodig waren om de Duitse macht te controleren, zoals de EGKS, de EEG en hun opvolgers, de EG en thans de EU. Het plan-Fouchet, het Verdrag van het Elysée, het afwijzen van Engeland eerst en het toelaten ervan tot de EEG later, het Verdrag van Maastricht, de EMU en de EPU, het zijn allemaal uitingen van hetzelfde Franse streven: Europa zo te organiseren dat het Frankrijk een overwicht over Duitsland geeft.
Wanneer we de naoorlogse tijd overzien dan is er een evidente cesuur, namelijk: 1990, het jaar van de Duitse eenheid. De tijd daarna verschilt wezenlijk van alles wat eraan voorafging, zoals de laatste jaren wel duidelijk is geworden. Binnen de kleine halve eeuw die tussen 1945 en 1990 is verstreken, kunnen we enkele perioden onderscheiden, elk met hun eigen karakter, namelijk: 1) het decennium tussen 1945 en 1954, dat wil zeggen tussen het einde van de Tweede Wereldoorlog en de mislukking van de plannen voor een Europese Defensie Gemeenschap; 2) de tijd tussen 1954 en 1969, het jaar van het aftreden van De Gaulle en tevens het jaar waarin het economische overwicht van Duitsland in Europa duidelijk werd, het jaar ook waarin met het aantreden van president Nixon en kanselier Brandt een nieuwe fase in de Oost-Westverhoudingen aanving; 3) de jaren tussen 1969 en 1989, het jaar van de val van de Muur, da zou uitlopen op de Duitse eenheid en uiteindelijk de ontbinding van de Sovjet-Unie en het einde van de Koude Oorlog.
Frankrijk en Duitsland [fragment]
uit:
Frans met de Fransen : kleine bijdragen tot de Frankrijkkunde - H.L. Wesseling

____