
Wim Delvoye bekleedt schoppen en strijkplanken met heraldische motieven, tatoeëert varkens met Harley Davidsonlogo’s, beschildert butagasflessen met Delftsblauwe windmolens… en stelt deze artefacten tentoon op prestigieuze kunstmanifestaties. Hij zit niet om een controverse of een dubbelzinnigheid verlegen en combineert met zichtbaar plezier, maar met grote ernst en finesse in de uitvoering, voorwerpen, materialen en motieven die elkaar afstoten. Hij koppelt wringende werelden van hoge en lage cultuur, van kitsch en kunst en van goede smaak en wansmaak. Hij wil de grenzen tussen deze werelden in een (kunst)voorwerp opheffen en zo het in onze ervaring vastgeroeste ding laten verdwijnen. ‘Ik vecht tegen het object, ik wil het ridiculiseren… het ontkleden’, zegt hij strijdlustig. In zijn reeks Voetbalgoals uit 1990, waartoe Panem et circenses I behoort, is deze vernietingsdrang heel ‘voelbaar’ gestalte gegeven. De doelen zijn, op hun stalen raamwerk na, geheel in glas-in-loodramen uitgevoerd. Je voelt aan den lijve de fragiliteit van de constructie botsen met de kracht van een getrapte bal. Op de ramen staan bakkerstaferelen die rechtstreeks verwijzen naar de titel, ‘Brood en spelen’, en met hun breugeliaanse stijl ook naar de volkse smaak. Dit kunstwerk kan dus enerzijds gelezen worden als een letterlijke omzetting van de betekenis van de Latijnse slogan van Juvenalis – geef het volk voedsel en vermaak, dan houdt het zich koest – maar waarschuwt anderzijds ook voor de broosheid van dit aloude machtsbeginsel.
Wim Delvoye : Panem et circenses I (1990) - Bart Janssen
uit: Van Marcel Broodthaers tot Guillaume Bijl : conceptualisme, neo-expressionisme en postmodernisme - diversen


____