Het argument dat iets goed is omdat het oud is.
Argumentum ad baculum
Een argument dat kracht wordt bijgezet met bedreiging en intimidatie.
Argumentum ad crumenam.
Een argument dat berust op de misvatting dat het gelijk aan de kant staat van mensen met meer geld.
Argumentum a fortiori
Argument van de overtreffende trap: bewijzen dat A op een gegeven moment wreed heeft gehandeld, door aan te tonen dat hij op een ander moment nóg wreder heeft gehandeld.
Argumentum ad hominem
Een persoonlijke aanval: niet op de bal, maar op de man spelen.
Argumentum ad ignorantium
Het argument dat iets waar is omdat nooit is bewezen dat het niet waar is, of andersom.
Argumentum ad lazarum
Een argument dat berust op de misvatting dat het gelijk aan de kant staat van mensen met minder geld.
Argumentum ad logicam
Het argument dat een bewering onjuist zou zijn omdat het de uitkomst is van een foutieve redenering (men kan via een foute weg tot het juiste antwoord komen).
Argumentum ad misericordiam
Een argument dat zich baseert op het gewekte medelijden.
Argumentum ad nauseam
Een argument dat het moet hebben van de herhaling.
Argumentum ad novitatem
Het argument dat iets juist is omdat het nieuw is.
Argumentum ad numerum
Het argument dat hoe meer mensen iets geloven, des te waarschijnlijker het is dat het klopt.
Argumentum ad populum
Een argument dat zich beroept op de massa: ‘Ik, en velen met mij…’
Argumentum ad verecundiam
De stelling die zich baseert op een vermeende autoriteit, zoals een onachterhaalbare autoriteit, een anonieme autoriteit of de eigen autoriteit: ‘Neem nou maar van mij aan…’
Circulus in probando
Een cirkelgang in het bewijs.
Dichotoom denken
Ook wel alles-of-niets of zwart-wit denken: een situatie beoordelen in uitersten.
Drogreden van het hellend vlak
Een voorbeeld van het ‘weggelaten midden’: onverantwoord voortzetten van de gevolgen buiten het eigenlijke bereik: ‘Geef je één vinger, en ze nemen de hele hand.’
Non sequitur
Een ongerechtvaardigde gevolgtrekking.
Petitio principii
Ook wel cirkelredenering: equivalentie of afhankelijkheid van argument en standpunt.
Post hoc, ergo propter hoc
‘Nadien, dus doordien’: de redering die zegt dat omdat A vóór B gebeurde, A de oorzaak moet zijn van B.
Secundum quid
Een overhaaste generalisatie.
Tu quoque
De zogenaamde jijbak: de beantwoording van een verwijt, spot of hoon, door die rechtstreeks terug te kaatsen: ‘Alsof jij zo mooi bent!’ Een jijbak is een voorbeeld van een argumentum ad hominem.
Drogredenen en denkfouten
____
