Het is waar dat de genialiteit van Dickens in elk geval voor een deel bestond uit zijn vermogen de formele grenzen van de roman te verleggen en tegelijkertijd een groot en gretig lezerspubliek achter zich te scharen. Dickens leverde op zijn manier dan ook een bijdrage aan het bepalen van enkele essentiële regels voor het massa-amusement – grote groepen onbekenden die als enige band hebben dat zij gezamenlijk een als feuilleton gepresenteerd verhaal volgen – die wij nu vanzelfsprekend vinden. Dat hij er daarbij ook nog in slaagde kunstwerken te creëren die de tand des tijds hebben doorstaan is een van de grote wonderen uit de literatuurgeschiedenis; het duurde overigens – enerzijds vanwege het commerciële succes dat Dickens met zijn boeken behaalde en anderzijds omdat de boeken van Dickens vanwege hun humoristische stijl minder serieus leken dan het werk van zijn tijdgenoten – nog wel bijna een eeuw alvorens de Culturele Autoriteiten zijn werk in de literaire canon accepteerden.
Als Dickens kunst en het bereiken van een grote menigte kon combineren, waarom zouden wij dan genoegen nemen met die zoveel minder getalenteerden die vandaag de dag de hoogste kijkcijfers scoren? Ik vermoed dat het antwoord daarop luidt dat de definitie van een grote menigte sinds de tijd van Dickens veranderd is. Dickens verkocht gemiddeld ongeveer vijftigduizend exemplaren van zijn boeken, terwijl Groot-Brittannië destijds zo’n twintig miljoen inwoners telde. Als Dickens de totale hedendaagse bevolking van de Verenigde Staten (280 miljoen inwoners) als zijn publiek had gehad, zou hij per boek ongeveer 800.000 exemplaren hebben verkocht. Naar vernieuwende televisieseries als The West Wing, 24, The Simpsons en The Sopranos kijken gemiddeld vaak tien tot vijftien miljoen mensen. Naar die maatstaf is The West Wing dus ongeveer twintig keer zo ‘massaal’ als Dickens, terwijl Dickens geen televisie, radio of film had waarmee hij moest concurreren. Geen wonder dus dat Dickens zijn lezers zover kreeg dat ze hem in zijn literaire vernieuwingen volgden. In zijn tijd trok Dickens per hoofd van de bevolking ongeveer net zo’n groot publiek als vandaag de dag op de publieke zender naar de verfilming van Bleak House zou kijken. Naar negentiende-eeuwse maatstaven had hij een heel groot publiek. Geen enkele schrijver had ooit eerder zoveel lezers gehad, maar gemeten naar de maatstaven van onze tijd schreef Dickens voor de elite.
uit: Alle slechte dingen zijn goed voor je : waarom de populaire cultuur ons slimmer maakt - Steven Johnson


____