Brigid O’Shaughnessy glimlachte niet meer toen het duidelijk werd dat hij niet naar haar zou kijken, en ze voelde zich steeds minder op haar gemak.
Zijn gezicht werd plotseling rood van woede en hij begon met een krassende keelstem te praten. Met zijn nijdige hoofd in zijn handen vervloekte hij, woedend naar de grond kijkend, Dundy vijf minuten lang zonder onderbreking, vervloekte hem op obscene en godslasterlijke wijze met zijn krassende keelstem.
Vervolgens hief hij zijn hoofd op, keek naar het meisje, grinnikte schaapachtig en zei: ‘Kinderachtig, hè?’ Ik weet het, naar mijn god, ik haat het om geslagen te worden zonder terug te kunnen slaan.’ Hij betastte voorzichtig zijn kin. ‘Niet dat het zo’n harde klap was.’ Hij lachte en ging achterover zitten op de sofa terwijl hij zijn benen over elkaar sloeg. ‘En we zijn ze in elk geval kwijt.’ Zijn wenkbrauwen kwamen bij elkaar in een vluchtige nijdige blik. ‘Maar ik zal het onthouden.’
Het meisje, dat weer glimlachte, stond op en ging op de sofa naast hem zitten. ‘U bent beslist de vreemdste man die ik ooit heb gekend,’ zei ze. ‘Treedt u altijd zo autoritair op?’
‘Ik liet me door hem slaan, niet waar?’
‘O ja, maar dat was een politieman.’
‘Dat was het niet,’ verklaarde Spade. ‘Toen hij zijn kop verloor en mij die opstopper gaf, ging hij me te ver. Als ik hem teruggeslagen had, had hij niet terug gekund. Dan had hij door moeten gaan en hadden we dat idiote verhaal op het bureau moeten vertellen.’ Spade keek peinzend naar het meisje en vroeg: ‘Wat had je met Cairo gedaan?’
‘Niets.’ Haar gezicht werd rood. ‘Ik wilde hem zo bang maken dat hij zich rustig hield tot ze weg waren. Maar hij werd te bang of recalcitrant en begon te schreeuwen.’
’En toen sloeg je hem met het pistool?’
‘Ik moest wel. Hij viel me aan.’
‘Je weet niet wat je aan het doen bent.’ Spades glimlach verborg zijn ergernis niet. ‘Het is precies wat ik tegen je zei: je rommelt maar wat aan op de gok.’
‘Het spijt me, Sam,’ zei ze, haar stem en gezicht zacht van wroeging.
‘Dat zal wel.’ Hij haalde shag en vloeitjes uit zijn zakken en begone en sigaret te draaien. ‘Je hebt nu met Cairo gepraat. Nu kun je met mij praten.’
Ze bracht een vinger naar haar mond en keek me grote ogen door het vertrek zonder iets te zien. Vervolgens keek ze vlug met toegeknepen ogen naar Spade. Hij was verdiept in het draaien van zijn sigaret. ‘O ja,’ begon ze, ‘natuurlijk…’ Ze nam de vinger van haar mond en streek haar blauwe jurk glad over haar knieën. Ze keek fronsend naar haar knieën.
Spade likte het vloeitje, maakte de sigaret af en vroeg ‘en’?’ terwijl hij naar zijn aansteker zocht.
‘Maar ik had,’ zei ze met een pauze tussen elk woord alsof ze ze met de grootste zorg koos,’ geen tijd om het gesprek met hem af te maken.’ Ze keek niet meer naar haar knieën, maar met heldere, openhartige ogen naar Spade. ‘We werden nog voordat we begonnen waren onderbroken.’
Spade stak zijn sigaret op en blies lachend de eerste rook uit. ‘Wil je dat ik hem opbel om te vragen of hij terugkomt?’
Ze schudde haar hoofd en glimlachte niet. Haar ogen bewogen heen en weer terwijl zij haar hoofd schudde en bleven op Spades ogen gericht. Ze stonden nieuwsgierig. Spade sloeg een arm om haar heen en legde zijn hand op haar gladde, naakte, blanke schouder. Ze leunde achterover in de kromming van zijn arm. ‘Nou, ik luister,’ zei hij.
Ze draaide haar hoofd en glimlachte tegen hem met speelse onbeschaamdheid terwijl ze vroeg: ‘Is het daarvoor nodig je arm daar te houden?’
‘Nee.’ Hij haalde zijn hand van haar schouder en liet zijn arm achter haar vallen.
‘Je bent volkomen onberekenbaar,’ mompelde ze.
Hij knikte en zei vriendelijk: ‘Ik luister nog steeds.’
‘Kijk eens hoe laat het is!’ riep ze uit terwijl ze met een draaiende vinger wees naar de wekker op het boek, die met een stompe wijzer tien voor drie aanwees.
‘Ja, het is een drukke avond geweest.’
‘Ik moet gaan.’ Ze stond op. ‘Dit is vreselijk.’
Spade stond niet op. Hij schudde zijn hoofd en zei: ‘Niet voordat je me alles hebt verteld.’
‘Maar kijk dan hoe laat het is,’ protesteerde ze, ‘en het gaat uren duren om het je te vertellen.’
‘Dan gaat het maar uren duren.’
‘Ben ik een gevangene?’ vroeg ze opgewekt.
‘Bovendien is er die knaap buiten. Misschien is hij nog niet naar huis om te slapen.’
Haar opgewektheid verdween.
‘Denk je dat hij er nog is?’
‘Dat is heel goed mogelijk.’
Ze huiverde. ‘Zou je erachter kunnen komen?’
‘Ik zou naar beneden kunnen gaan en een kijkje nemen.’
‘O, dat is… wil je dat doen?’
Spade bestudeerde haar ongeruste gezicht even en stond toen op terwijl hij zei: ‘Natuurlijk.’ Hij haalde zijn hoed en jas uit de kast. ‘Ik ben over tien minuten terug.’
‘Wees voorzichtig,’ zei ze smekend terwijl ze hem naar de deur volgde.
‘Dat komt in orde,’ zei hij en ging naar buiten.
____
