vertaald door Gerrit Bussink
zondag 17 januari 2010
De therapeut knikt te vaak
De slaap ondergaat Lynn gelaten. Nachten zijn neutraal. Ze vormen geen bedreiging. Ook geen opluchting. Nachten slokken me op, denkt Lynn, ’s morgens word ik uitgespuugd. Heinz heeft Lynn een voorschot gegeven, de rekeningen zijn betaald, de telefoon doet het weer. Elke donderdag belt Lynn haar moeder op, maar ze gaat niet bij haar op bezoek. Alleen al de reis erheen zou vier uur duren. De therapeut, zegt Lynn tegen haar moeder, heeft me zo’n lange reis verboden. Haar moeder mompelt iets wat Lynn niet verstaat, niet boos, alleen verdrietig, denkt Lynn. En de therapeut knikt te vaak. Elke vrijdag gaat Lynn naar hem toe. Het voortdurende geknik stoort haar. Soms zegt Lynn opzettelijk dingen waar volgens haar niet met knikken op gereageerd kan worden, maar toch knikt de therapeut. Daarmee jaagt hij haar geregeld op stang. Lynn bijt op haar tanden en vaak kijkt ze de therapeut niet eens aan, maar dan denkt ze weer: als ik beschaamd naar de grond kijk, trekt hij de verkeerde conclusies.
