Voor biologen is, in de geest van Aristoteles, variatie belangrijk. Gaat het om planten of dieren dan is genetische variatie cruciaal. Zonder genetische variatie geen evolutie, zonder selectie en het doorgeven van gunstige genetische varianten geen evolutionaire verandering. Evolutie staat of valt met de drie-eenheid van het darwinisme: variatie, selectie en doorgave van erfelijke eigenschappen. In het domein van de levenloze voorwerpen, waaronder ook enveloppen vallen, is van genetische variatie vanzelfsprekend geen sprake. Het DNA dat eventueel kan worden opgespoord in een enveloppe is afkomstig uit de boom die het materiaal voor de enveloppe leverde. Of uit het speeksel op de natte tong van de briefschrijver die het gom van de enveloppe uit zijn sluimertoestand wekte, alvorens de brief dicht te drukken en te versturen. Er bestaat geen enveloppen-DNA dat kopieën van enveloppen genereert. Maar zeer geslaagde pogingen in de fabricage van een enveloppe, culturele varianten, zullen door de gebruikers wel degelijk zijn geselecteerd en doorgegeven op analoge wijze als genetische noviteiten die voordelig zijn. Juist doordat de idee van de enveloppe door de briefschrijver actief wordt verspreid, zal hij gemakkelijk kunnen aanslaan. Elke enveloppe draagt bij aan het succes van Roelands oerenveloppe en brengt ontvangers op het idee er ook een te gebruiken. Zo moeten sommige opvattingen van de verzenders van de enveloppe zijn overgenomen door hun ontvangers, waardoor die ‘overleefden’ en zich verspreidden in de vorm van kopieën. De enveloppe is een sterk idee, een krachtige meme, die zijn eigen succes in de hand werkt door op reis te gaan en de geadresseerde te confronteren met zijn vorm, materiaaleigenschappen en kleur.
De enveloppe [fragment]
uit:
Kloten van de engel : beschouwingen over de natuurlijkheid van cultuur - Tijs Goldschmidt

____