woensdag 28 juli 2010

Ver weg te gaan wonen

Op zijn [oom Leopoldo’s] advies kocht ik een lijvige geïllustreerde atlas met gravures en foto’s, die gedurende twee of drie jaar mijn favoriete lectuur werd. Dank zij dat boek kon ik uit mijn hoofd de oppervlakte, bevolking, hoofdstad, voornaamste steden, politieke status en natuurlijke rijkdommen van alle landen ter wereld opzeggen. Onze gesprekken gingen nu eens over de ligging van de gebergtes in de Kaukasus, dan weer over de Franse koloniale nederzettingen in India of Oceanië. Mijn oom sprak over Noumea of Pondichery als over bekende plekken waar hij zijn weekeinde placht door te brengen. Ervan overtuigd dat Europa geruïneerd zou achterblijven, hoe de oorlog ook afliep, probeerde hij mijn leven in goede banen te leiden door me aan te sporen ver weg te gaan wonen. Elke regio of staat die in het boek werd beschreven, verdiende wat hem betreft bijzondere aandacht: Nigeria en de Kongo hadden de Europese kolonist een opzienbarende schat aan natuurlijke rijkdommen te bieden, maar de warmte en vochtigheid die er heersten maakten mijn vestiging in die landen niet raadzaam; de voordelen van Brazilië waren duidelijk: grote ongecultiveerde stukken, goedkope, vlijtige arbeidskrachten, gemakkelijk te leren taal, open en vriendelijk karakter van de inwoners; in Argentinië en Cuba, waar we familie hadden, konden dezen bij aankomst mijn eerste schreden richten. Maar een tocht langs de Niger met zijn uitgestrekte katoen-, pinda-, gierst- en maniokplantages overtrof al het voorafgaande in schoonheid; de nijlpaarden, prauwen, oliepalmen, beelden van het kokosnotenrapen door de inheemse vrouwen wekten mijn ooms enthousiasme: Heb je gezien wat een borsten ze hebben? glimlachte hij schalks. Het lijken wel meloenen! De imaginaire reizen waarmee hij zijn luiheid en vadsigheid compenseerde, hadden hem voordat ik geboren werd enkele tegenslagen en verliezen bezorgd: oom Leopoldo had bij de dood van grootvader Antonio een redelijke geldsom geërfd, en meegesleept door zijn nomadische fantasieën investeerde hij een gedeelte daarvan in aandelen van exotische maatschappijen, waarvan hij nooit een cent terugzag. Maar deze pech had zijn theoretische belangstelling en dorst naar kennis over verre landen en tonelen alleen maar vergroot.

vertaald door Ton Ceelen

uit: Eigen terrein : een jeugd in Spanje - Juan Goytisolo


____