maandag 16 augustus 2010

Mijn eigen wil

Pjotr Stepanowitsj ging eerst naar Kirilow. Deze was als naar gewoonte alleen en ditmaal bezig midden in zijn kamer gymnastiek te beoefenen, dat wil zeggen hij stond wijdbeens en zwaaide op een bizondere manier zijn armen omhoog. Op de grond lag de bal. Op tafel stond de ochtendthee, die nog niet was weggehaald en al koud was geworden. Pjotr Stepanowitsj bleef een ogenblik op de drempel staan.
- U maakt zich toch maar heel wat te doen voor uw gezondheid, zei hij luid en vrolijk, terwijl hij de kamer binnenging, maar wat een prachtbal, sjonge, wat kaatst die; die is ook voor de gymnastiek?
Kirilow trok zijn jas aan.
- Ja, ook voor de gezondheid, bromde hij droogjes, gaat u zitten.
- Ik blijf maar even. Trouwens, ik zal gaan zitten. Gezondheid goed en wel, maar ik kwam u herinneren aan de afspraak. Onze termijn nadert "in zekere zin", meneer, eindigde hij met een onhandige wending.
- Wat voor afspraak?
- Hoezo wat voor afspraak? - Pjotr Stepanowitsj werd opeens onrustig, hij schrok zelfs.
- Dat is geen afspraak en geen verplichting, ik heb me tot niets verbonden, een vergissing van uw kant.
- Hoor eens even, wat bent u dan van plan om te doen? Stoof Pjotr Stepanowitsj op.
- Mijn eigen wil.
- En dat is?
- Hetzelfde als vroeger.
- Hoe moet ik dat dus opvatten? Betekent het, dat u er nog net zo over denkt?
- Dat betekent het. Alleen is er geen afspraak, ook niet geweest, en ik heb me tot niets verplicht. Het was alleen mijn eigen wil en dat is het nu nog.
Kirilow verklaarde het scherp en wrevelig.
- Best, accoord, dan maar uw wil, als die wil maar niet veranderd is, - Pjotr Stepanowitsj ging weer zitten met een tevreden gezicht. U maakt zich nijdig om een woord. U bent de laatste tijd wat erg nijdassig geworden; vandaar dat ik heb vermeden u te bezoeken. Was trouwens volkomen overtuigd, dat u niet ontrouw zoudt worden.
- Ik ben niets op u gesteld; maar volkomen overtuigd kunt u zijn. Ofschoon ik niets wil horen van trouw en ontrouw.
- Alleen, weet u, wond Pjotr Stepanowitsj zich weer op, zouden we er nog eens een woordje over moeten spreken, om verwarring te voorkomen. De zaak eist duidelijkheid, en u bent zo’n ontzettend rare snaak.

vertaald door Hans Leerink

uit: Boze geesten - Fjodor M. Dostojevski


___