Die journalisten doen net alsof je je croissantje nog altijd bij de warme bakker haalt, nog steeds een huis koopt en verkoopt via de erkende makelaar, alsof je je overbodig geworden huisraad laat weghalen door een opkoper en alsof niemand zich aan Linux waagt. Ze doen alsof Funda evenmin bestaat als de supermarkt, open source of Marktplaats. Ze doen alsof de broodbakmachine niet een van de meest succesvolle producten op de huishoudmarkt is – naast het op individuele maat gesneden Senseo-koffiezetapparaat. Ze doen alsof de wereld versteend is in de laat-negentiende, vroeg-twintigste eeuw, toen onze afhankelijkheid van expertsystemen volkomen was en we onze individualiteit nergens op massale wijze konden uitdrukken. Zeker, je had piratenzenders, muurkranten, knutselaars op het niveau van huis-, tuin-, en keukenvlijt. Die deden dit allemaal ook, maar hadden nooit het bereik dat je op internet hebt. Nu de aansluiting op het web voor de meeste mensen een feit is, blijken ze opeens de behoefte te hebben en in staat te zijn iets van zichzelf aan de werkelijkheid via de media toe te voegen. Dat betekent het onvermijdelijke einde van het vastgevroren wereldbeeld van voorheen. Die wereld was een momentopname, een anomalie. Nieuwe media helpen de wereld nu om het heft weer in eigen handen te nemen, daarbij geholpen door een toenemend wantrouwen ten opzichte van alles wat naar opgelegde samenhang ruikt.
De blogosfeer – een veelgebruikte verzamelterm voor de wereld van webloggers – drukt de journalistiek met de neus op de werkelijkheid. Weblogs zullen journalisten niet verdringen, zeker niet alle journalisten, maar ze zullen de journalistiek wel degelijk veranderen, zoals de benzinemotor het transport veranderde en de televisie van invloed was op het vak van politici. Waarschijnlijk zullen weblogs mettertijd met moderne vormen van traditionele journalistiek vergroeien. En waar ze dat niet doen, maar als zelfstandige, pseudo-journalistieke publicaties verder gaan, zullen ze ten minste een permanente en ongedurige bron van kritiek blijven, een real time feedback loop die de journalistiek voortdurend en ongevraagd de maat neemt.
Zijn bloggers beter dan journalisten?
Nee. Natuurlijk kan een amateur niet wat een professionele journalist kan. Bas Blogger kan zich niet laten embedden in Irak, daar heb je een geaccrediteerde, getrainde professional voor nodig. Maar het punt is, in de woorden van Slate-columnist Jack Shafer, dat niet iedereen de verhalen van die professional wil lezen. Dat niet eens iedereen over Irak wil lezen. En daar komt nog bij dat niet iedereen wil lezen.
De markt wil soms iets anders, kennelijk. En als we niet oppassen, zoekt de markt – de lezer, de kijker, de luisteraar – het zelf wel uit.
‘Nieuws,’ schreef Henk Hofland, ‘hoort door welk medium dan ook onversneden te worden gebracht, met een onbarmhartige analyse, een beredeneerde prognose, en een antwoord op de vraag wat onder de gegeven omstandigheden het meest wenselijk is.’
Dat is een nobele opvatting die echter niet per se leidt tot Hoflands conclusie dat journalisten onmisbaar zijn, in elk geval niet alle journalisten. Het is niet anders dan met kranten. De vraag is niet óf kranten en journalisten verdwijnen, de vraag is slechts wélke kranten en journalisten verdwijnen.
Eigen media eerst [fragment]
uit: PopUp : de botsing tussen oude en nieuwe media - Henk Blanken en Mark Deuze